Soms lijkt het alsof alles ineens anders is. Je baby drinkt vaker, slaapt minder goed of huilt meer dan je gewend bent. Dat kan je best onzeker maken, zeker als je net dacht dat jullie een fijn ritme hadden gevonden.
Vaak heeft dit te maken met een groeispurt of een ontwikkelingsfase. In deze periodes maakt je baby grote sprongen, zowel lichamelijk als mentaal. Dat vraagt veel energie en kan zorgen voor extra behoefte aan voeding, nabijheid en rust.
Het kan helpen om juist in deze fase wat meer mee te bewegen met je baby. Door voeding vaker aan te bieden, speel je in op de verhoogde behoefte. Tegelijk geeft het aanhouden van kleine, voorspelbare routines houvast. Denk aan een vast moment van rust voor het voeden of een herkenbaar afsluitmoment daarna.
Ook nabijheid speelt een grote rol. Door je baby dicht bij je te houden, te knuffelen of simpelweg samen te zijn, help je je kindje om zich veilig en ontspannen te voelen. Overdag wat extra contactmomenten inbouwen kan al veel verschil maken.
Hoe intens het soms ook voelt: deze fases zijn tijdelijk. Vaak merk je na een paar dagen dat er weer meer rust en balans ontstaat. Je baby heeft dan weer een stapje gezet in de ontwikkeling.
Probeer vooral mild te zijn voor jezelf in deze periode. Het hoeft niet perfect. Je volgt je baby, en dat is precies wat nodig is.
Twijfel je of wil je even sparren over wat je ziet bij je baby? We denken graag met je mee.




